Arm en rijk in de aardrijkskunde: verschillen in welvaart en ontwikkeling

Wereldwijd zijn er veel verschillen tussen arm en rijk. In het vak aardrijkskunde in de onderbouw van het voortgezet onderwijs leer je deze verschillen te verklaren. Ook leer je wat ontwikkelingslanden zijn en welke rol ontwikkelingshulp speelt. Daarnaast denk je na over manieren om de verschillen tussen arm en rijk kleiner te maken. In deze tekst behandelen we al deze onderwerpen, zodat jij je goed kunt voorbereiden op je volgende aardrijkskundetoets.

Wat betekent arm en rijk?

In het vak aardrijkskunde in de onderbouw van de middelbare school gaat het thema arm en rijk in feite over welzijn en welvaart. Om te bepalen of iemand arm of rijk is, moet je naar zowel welvaart als naar welzijn kijken. De termen lijken op elkaar, maar betekenen wel echt iets anders.

WelvaartWelzijn
Welvaart is het geld en de bezittingen die mensen of een land hebben. Hierbij kun je bijvoorbeeld denken aan huizen en inkomen.Welzijn gaat over levenskwaliteit. Zaken zoals veiligheid, gezondheidszorg en onderwijs dragen bij aan iemands welzijn.

Om te bepalen of een land of persoon arm of rijk is, kijk je naar de combinatie van welvaart en welzijn. 

In de wereld zijn er veel verschillen tussen arm en rijk. Er zijn landen, zoals Nederland, waar de levensstandaard hoog is en de meeste mensen rijk zijn. In armere landen is dat helaas vaak niet het geval. Daar leven veel mensen in armoede. Als je in armoede leeft, heb je niet genoeg geld en toegang tot middelen om in je levensbehoefte te voorzien. De verschillen tussen arm en rijk zijn zowel tussen landen als binnen landen vaak groot.

Samengevat: 
Om te bepalen of een persoon of land arm of rijk is, kijk je naar welvaart en welzijn. Er zijn op de wereld veel verschillen tussen arme en rijke landen. Nederland is een goed voorbeeld van een rijk land. 

Hoe verloopt de ontwikkeling van landen?

Alle landen ter wereld ontwikkelen zich op hun eigen manier en tempo. Er zijn ontwikkelde landen en landen die nog volop in ontwikkeling zijn. Bij de ontwikkeling van landen gaat het in het vak aardrijkskunde over economische en sociale vooruitgang. 

Economische ontwikkelingSociale vooruitgang
Economische ontwikkeling gaat over de producten die een land produceert, maar ook over de financiële rijkdom van het land en de (internationale) handel die het land drijft.Sociale ontwikkeling gaat over de levenskwaliteit in een land. Toegang tot goede gezondheidszorg en onderwijs hoort bij sociale vooruitgang. Ook de veiligheid op straat hoort hierbij.

Als je naar de economische ontwikkeling en sociale vooruitgang in landen kijkt, zie je duidelijke verschillen tussen ontwikkelde landen en ontwikkelingslanden. 

Ontwikkelde landenOntwikkelingslanden
  • Hoge levensstandaard;
  • Er zijn veel bedrijven gevestigd;
  • Veel werkgelegenheid;
  • Inwoners hebben toegang tot goede gezondheidszorg en onderwijs;
  • De levensverwachting ligt gemiddeld hoog;
  • Voorbeelden: Nederland, Duitsland en Japan.
  • Lage(re) levensstandaard;
  • Er zijn minder bedrijven gevestigd;
  • Er is minder werkgelegenheid en de lonen liggen laag;
  • Slechte infrastructuur;
  • Minder toegankelijke en minder goede gezondheidszorg en onderwijs;
  • Voor inwoners is het lastig om aan een beter leven te werken;
  • Voorbeelden: Ethiopië, Bangladesh en Haïti.

Kortom: 
Alle landen op de wereld ontwikkelen zich in hun eigen tempo. Hierbij is een groot verschil te zien tussen ontwikkelde landen en ontwikkelingslanden. Zowel economische ontwikkeling als sociale vooruitgang spelen een belangrijke rol.

Centrum, periferie en semiperiferie

Om te laten zien hoe de wereldeconomie in elkaar zit, gebruik je binnen het vak aardrijkskunde de termen centrum, periferie en semiperiferie. Hieronder zie je hoe dit wereldsysteem in elkaar zit.

CentrumPeriferieSemiperiferie
  • Machtige en rijke landen;
  • Sterke economie;
  • Veel technologische kennis;
  • Drijven veel internationale handel;
  • Voorbeelden: Verenigde Staten en Duitsland.
  • Arme landen;
  • Hebben weinig invloed op de wereldhandel;
  • Leveren vaak grondstoffen en goedkope arbeid, zonder hier zelf van te profiteren;
  • Voorbeelden: veel landen in Afrika en sommige landen in Azië.
  • Nog niet zo rijk als landen in het centrum, maar krijgen wel steeds meer invloed;
  • Groeiende economie en verbeterde levensstandaard;
  • Voorbeelden: Brazilië en India.

Doordat landen vanuit de periferie naar de semiperiferie en uiteindelijk zelfs naar het centrum kunnen groeien, verschuiven de machtsverhoudingen op de wereld langzaam. 

Dus onthoud: 
De machtsverhoudingen binnen het wereldsysteem hebben invloed op de internationale handel, economische groei en ontwikkeling van veel landen. De rijke landen in het centrum bepalen veel, terwijl de arme landen in de periferie hier afhankelijk van zijn. Landen in de semiperiferie krijgen steeds meer macht, maar zijn nog niet zo machtig als de landen in het centrum.

Ontwikkelingshulp en samenwerking

Rijkdom en armoede zijn ongelijk over de wereld verdeeld. Daarom geven rijke landen vaak ontwikkelingshulp aan arme landen. Er zijn verschillende redenen waarom landen elkaar helpen, zoals:

  • Armoedebestrijding;
  • Samenwerking tussen landen versterken;
  • Wereldwijde problemen samen oplossen.

Ontwikkelingshulp wordt in verschillende vormen gegeven. Een rijk land kan geld doneren aan het ontwikkelingsland, maar ook kennis en noodhulp zijn vaak hard nodig. Door gezondheidszorg en onderwijs te verbeteren, kunnen ontwikkelingslanden zich zowel op economisch als op sociaal vlak ontwikkelen. 

Internationale hulp heeft zowel positieve als negatieve effecten.

Positieve effecten internationale hulp in het ontwikkelingslandNegatieve effecten internationale hulp in het ontwikkelingsland
  • Betere gezondheidszorg;
  • Hogere levensstandaard;
  • Toegankelijk onderwijs;
  • Verbeterde infrastructuur.
  • Geld komt niet altijd op de juiste plekken terecht;
  • Verschillen tussen arm en rijk kunnen binnen het land juist vergroot worden;
  • Het land kan afhankelijk worden van hulp van buitenaf.

Kortom: 
Er zijn verschillende redenen waarom rijke landen ontwikkelingshulp aanbieden. Die hulp kan erg nuttig zijn, maar het kan ook negatieve effecten met zich meebrengen.

Verschillen verkleinen: kansen en problemen

Het bestrijden van armoede en het verkleinen van de ongelijkheid in de wereld is erg lastig. Er zijn dingen die de problemen in ontwikkelingslanden kunnen verkleinen, maar ook factoren die de ongelijkheid juist vergroten.

Factoren die de problemen in ontwikkelingslanden verkleinenFactoren die de ongelijkheid in ontwikkelingslanden juist vergroten
  • Goed en toegankelijk onderwijs;
  • Goede en toegankelijke gezondheidszorg;
  • Een betere infrastructuur.
  • Conflicten;
  • Schulden;
  • Een onstabiele overheid.

Deze factoren maken het vaak lastig om de verschillen tussen arm en rijk echt effectief te verkleinen.

Bij het vak aardrijkskunde in de onderbouw van de middelbare school denk je na over kansen, ontwikkeling en de ongelijkheid in de wereld. Een aantal vragen die aan bod komen, zijn:

  • Welke oorzaken zijn er voor de grote verschillen tussen arm en rijk?
  • Wat zijn mogelijke oplossingen om de verschillen tussen arm en rijk te verkleinen?
  • Welke factoren vergroten ongelijkheid?
  • Welke factoren bemoeilijken de mogelijke oplossingen?

Onthoud dus: 
Het verschil tussen arm en rijk is niet iets dat eenvoudig kan worden opgelost. Verschillende factoren verkleinen de ongelijkheid, maar andere factoren vergroten die ongelijkheid juist. Door daarover na te denken, zijn er mogelijke oplossingen te verzinnen. 

Oefenen met arm en rijk in aardrijkskunde

In het vak aardrijkskunde in de onderbouw gaat de kern arm en rijk over de verdeling van arme en rijke landen over de wereld. Je leert wat arm en rijk betekent, wat het verschil is tussen welzijn en welvaart en leert de termen centrum, periferie en semiperiferie te gebruiken. Ook denk je na over het verkleinen van de verschillen tussen arm en rijk en de rol van ontwikkelingshulp. Wil je op je eigen niveau met deze onderwerpen oefenen? Maak dan oefentoetsen op Toets-mij.nl en ontdek meteen welke onderwerpen je al snapt en wat je nog even moet oefenen.