Bevolking en ruimte in de aardrijkskunde: waar en hoe mensen leven

Een belangrijk onderwerp in het vak aardrijkskunde in de onderbouw van het voortgezet onderwijs gaat over bevolking en ruimte. Je leert wat bevolkingsspreiding en bevolkingsgroei is en krijgt uitleg over migratie en ruimtegebrek. In deze tekst leer je meer over waar mensen wonen op aarde en waarom dat zo is. Zo weet je straks precies wat je over bevolking en ruimte voor het vak aardrijkskunde moet weten.

Wat is bevolkingsspreiding?

Bevolkingsspreiding gaat over de vraag: ‘Waar wonen mensen en waarom?’. Waar mensen wonen, is namelijk afhankelijk van veel verschillende factoren, zoals:

  • Het klimaat in het gebied;
  • Het reliëf in het gebied (hoogteverschillen);
  • De aan- of afwezigheid van water;
  • De aan- of afwezigheid van vruchtbare grond.

Een combinatie van deze factoren bepaalt hoe aantrekkelijk een gebied is om te wonen. Daarom zijn bepaalde gebieden op aarde heel dichtbevolkt, terwijl er ook juist dunbevolkte gebieden zijn.

VoorbeeldWaarom dicht- of dunbevolkt
Nederland is dichtbevolkt.Ons land is vlak, waardoor je er goed huizen kunt bouwen. Ook is er veel water aanwezig en ligt ons land voor de handel erg strategisch. 
De Sahara woestijn is dunbevolkt.In de Sahara heerst een extreem klimaat met erg weinig neerslag. Er is daardoor te weinig (drink)water aanwezig om prettig te kunnen leven en ook de andere leefomstandigheden zijn erg moeilijk.

Samengevat: 
Bevolkingsspreiding gaat over waar mensen wonen en waarom. Als de leefomstandigheden in een gebied moeilijk zijn, kiezen veel mensen voor een andere plek om te wonen en is het gebied dunbevolkt. Zijn de omstandigheden wel gunstig? Dan wordt een gebied juist snel dichtbevolkt. 

Bevolkingsgroei en bevolkingskenmerken

De wereldbevolking verandert constant. Er worden mensen geboren, maar er overlijden ook mensen. In sommige landen groeit de bevolking hierdoor snel, terwijl de bevolking in andere landen juist krimpt. Om deze bevolkingsgroei uit te leggen, kun je de bevolkingspiramide gebruiken.

De bevolkingspiramide helpt je om de opbouw van de bevolking van een land te begrijpen. Die piramide laat zien hoe de leeftijden binnen een bevolking verdeeld zijn.

  • De onderkant van de piramide staat voor het geboortecijfer, kinderen en jongeren. Een brede onderkant betekent dus dat er veel baby’s, kinderen en jongeren in een land zijn.
  • De bovenkant van de piramide staat voor de ouderen. Een brede bovenkant betekent dus dat er veel ouderen zijn en dat er dus vergrijzing van de bevolking plaatsvindt.

Hieronder zie je een voorbeeld van een bevolkingspiramide waarin vooral de leeftijdsgroep 30–39 jaar opvalt (30–34 en 35–39): daar zijn de balken het breedst. Onderaan (0–14 jaar) is de piramide duidelijk smaller, wat betekent dat er minder jonge kinderen zijn dan dertigers. Richting de top worden de balken steeds kleiner, waardoor je ziet dat het aantal ouderen afneemt naarmate de leeftijd hoger wordt.

Instagram posts 1080 x 1080

De groei van de wereldbevolking gaat niet in alle landen en op alle continenten even hard. Er zijn veel verschillen tussen landen. Demografische transitie is een model dat je helpt om deze verschillen te begrijpen. Dit model laat zien hoe bevolkingsgroei zich in verschillende fases ontwikkelt.

FaseWat gebeurt er?Gevolg
1Veel geboorten en sterfgevallen.Minimale bevolkingsgroei door onder meer ziekten, armoede en honger.
2Veel geboorten, maar minder sterfgevallen.Snelle bevolkingsgroei door verbeterde gezondheidszorg en hygiëne.
3Minder geboorten en nog steeds weinig sterfgevallen.De bevolkingsgroei neemt af door onder meer emancipatie, hogere welvaart en toegang tot anticonceptie.
4Lage geboorte- en sterftecijfers.De bevolkingsgroei stabiliseert of stagneert helemaal.
5Een hoger sterftecijfer dan geboortecijfer.De bevolking vergrijst en uiteindelijk overlijden er meer mensen dan dat er geboren worden. Dat zorgt voor een bevolkingskrimp.

Onthoud: 
Alle landen en continenten doorlopen bovenstaande fases, maar wel allemaal in hun eigen tempo. Ontwikkelingslanden zitten in een andere fase dan bijvoorbeeld Nederland of andere West-Europese landen. Hierdoor verschilt de bevolkingsgroei ook per land.

Wat is migratie? Het verhuizen van mensen

Simpel gezegd gaat migratie over verhuizende mensen. Ook migratie heeft veel invloed op de samenstelling van de bevolking in een land of regio. Migratie kan binnen een land plaatsvinden, maar gebeurt ook vaak tussen landen. 

  • Emigratie betekent dat iemand uit een land weggaat.
  • Immigratie betekent dat iemand een land binnenkomt.

Er zijn veel verschillende redenen om te migreren, zoals:

  • Dichter bij je familie willen zijn;
  • Ergens anders gaan werken of studeren;
  • Vluchten voor oorlog, armoede of onveiligheid.

Alle soorten migratie bij elkaar, ongeacht de reden, noemen we migratiestromen. 

Ook in Nederland is migratie een belangrijk onderwerp. Er immigreren elk jaar veel mensen naar Nederland. Dat zijn deels vluchtelingen uit onveilige landen, maar er komen ook veel mensen in ons land werken of studeren. Tegelijkertijd vertrekken er ook veel Nederlanders naar het buitenland. Hierdoor verandert de bevolkingssamenstelling en dat kun je in de samenleving merken.

Kortom: 
Migratie gaat over het verhuizen van mensen, zowel binnen een land als tussen landen. Er zijn verschillende redenen om te migreren en de migratiestromen hebben invloed op de bevolkingssamenstelling van een land.

Wat is ruimtegebruik en ruimtelijke ontwikkeling?

Alle mensen op aarde hebben ruimte nodig om te wonen en te werken. Ook is er ruimte nodig voor landbouw, natuur en recreatie. De beschikbare ruimte op aarde is beperkt, waardoor we goed na moeten denken over hoe we de ruimte gebruiken. Vooral in dichtbevolkte gebieden moeten er keuzes worden gemaakt over hoe de beschikbare ruimte gebruikt wordt

  • Bouwen we nieuwe huizen of leggen we toch een park aan?
  • Is er ruimte voor een natuurgebied of hebben we die plek nodig voor de industrie?
  • Komt er op die plek een nieuwe sporthal of zetten we er appartementen neer?

Dat zijn voorbeelden van afwegingen die regelmatig gemaakt moeten worden.

Dat soort afwegingen worden gemaakt door overheden, zoals de provincie en gemeenten. Op basis van die afwegingen maken ze plannen voor de manier waarop beschikbare ruimte gebruikt wordt. Dat noemen we ruimtelijke ontwikkeling. Vaak moet er afgewogen worden of op een bepaald stuk grond nieuwe steden en dorpen gebouwd worden of dat er juist plek is voor industrie, landbouwgrond of natuur. Helemaal in een klein en dichtbevolkt land als Nederland is goed ruimtegebruik erg belangrijk. Daarom moeten er soms lastige keuzes worden gemaakt, die zelfs tot conflicten kunnen leiden. 

Belangrijk om te onthouden: 
Ruimtelijke ontwikkeling gaat over de manier waarop beschikbare ruimte gebruikt wordt. Vaak moeten er lastige afwegingen worden gemaakt, die zelfs tot conflicten kunnen leiden.

Oefenen met bevolking en ruimte in aardrijkskunde

De kern over bevolking en ruimte is in het vak aardrijkskunde op de middelbare school erg belangrijk. Het is belangrijk dat je weet wat termen zoals bevolkingsgroei, bevolkingsspreiding, migratie en ruimtegebruik betekenen. Wil je voor je volgende aardrijkskunde toets over dit onderwerp oefenen? Maak dan een aardrijkskunde oefentoets op je eigen niveau op Toets-mij.nl. Daar ontdek je precies wat je over deze onderwerpen al weet en waar je nog wat meer mee moet oefenen.