Voornaamwoorden in het Duits: persoonlijk en bezittelijk
Op deze pagina leer je de Duitse persoonlijke voornaamwoorden in de 1e, 3e en 4e naamval en de bezittelijke voornaamwoorden met hun uitgangen. Je krijgt de complete tabellen, de regel voor de woordorde als er twee voornaamwoorden in een zin staan, het verschil tussen ihr, Ihr en ihre, en uitleg over wanneer je Sie met een hoofdletter gebruikt.
Inhoudsopgave
Samenvatting
Persoonlijke voornaamwoorden zoals ich, du en er veranderen in het Duits mee met de naamval: ich wordt mich in de 4e naamval en mir in de 3e. Bezittelijke voornaamwoorden zoals mein en dein krijgen precies dezelfde uitgangen als het onbepaald lidwoord ein, dus als je die tabel kent, kun je alle bezittelijke voornaamwoorden vervoegen. Twee dingen vragen extra aandacht: Sie met een hoofdletter is de hoflijke u-vorm, en ihr kan drie verschillende dingen betekenen.
Persoonlijke voornaamwoorden per naamval
Een persoonlijk voornaamwoord vervangt een persoon of een ding. Net als bij lidwoorden verandert de vorm met de naamval. De 2e naamval laat je bij voornaamwoorden buiten beschouwing, want die komt bijna niet voor.
| Nederlands | 1e naamval | 4e naamval | 3e naamval |
| ik | ich | mich | mir |
| jij | du | dich | dir |
| hij | er | ihn | ihm |
| zij enkelvoud | sie | sie | ihr |
| het | es | es | ihm |
| wij | wir | uns | uns |
| jullie | ihr | euch | euch |
| zij meervoud | sie | sie | ihnen |
| u | Sie | Sie | Ihnen |
Kijk waar het verandert. Bij er is het verschil het grootst: er, ihn, ihm. Dat drietal is het meest getoetste onderdeel van deze tabel. Bij sie enkelvoud verandert de 4e naamval niet, maar de 3e wordt ihr. En bij wir en ihr zijn de 3e en 4e naamval gelijk: uns en euch.
- Ich sehe ihn. Ik zie hem, dus lijdend voorwerp en 4e naamval.
- Ich helfe ihm. Ik help hem, en helfen vraagt de 3e naamval.
- Er gibt mir das Buch. Aan mij is de 3e naamval.
- Kannst du mich hören? Mij is hier lijdend voorwerp.
Sie met een hoofdletter: de hoflijke vorm
Het Duits maakt scherp onderscheid tussen jij en u, en dat onderscheid moet je op een toets goed gebruiken.
| Vorm | Betekenis | Wanneer | Voorbeeld |
| du | jij, enkelvoud informeel | klasgenoten, vrienden, familie, leeftijdgenoten | Wie heißt du? |
| ihr | jullie, meervoud informeel | een groep die je tutoyeert | Wo wohnt ihr? |
| Sie | u, enkelvoud en meervoud formeel | onbekenden, leraren, winkelpersoneel, brieven | Wie heißen Sie? |
Sie schrijf je altijd met een hoofdletter en de vervoeging is gelijk aan de infinitief: Sie kommen, Sie haben, Sie sind. Het bijbehorende bezittelijk voornaamwoord is Ihr, ook met een hoofdletter: Ist das Ihr Auto?
Op een schrijfvaardigheidstoets is dit een van de eerste dingen waar naar gekeken wordt. Schrijf je een formele brief aan een bedrijf en gebruik je du, dan is de toon fout, ook als de grammatica klopt.
Bezittelijke voornaamwoorden
Een bezittelijk voornaamwoord geeft aan van wie iets is. In het Duits krijgen deze woorden dezelfde uitgangen als het onbepaald lidwoord ein, dus als je die tabel al kent, hoef je alleen de stammen te leren.
| Persoon | Stam | Betekenis |
| ich | mein | mijn |
| du | dein | jouw |
| er | sein | zijn |
| sie enkelvoud | ihr | haar |
| es | sein | zijn |
| wir | unser | ons of onze |
| ihr | euer | jullie |
| sie meervoud | ihr | hun |
| Sie | Ihr | uw |
De uitgangen per naamval
Achter de stam komt de uitgang die hoort bij de naamval en het geslacht van het woord dat erachter staat. Let op: het geslacht van het bezit bepaalt de uitgang, niet het geslacht van de bezitter.
| Naamval | Mannelijk | Vrouwelijk | Onzijdig | Meervoud |
| 1e Nominativ | mein | meine | mein | meine |
| 4e Akkusativ | meinen | meine | mein | meine |
| 3e Dativ | meinem | meiner | meinem | meinen + n |
| 2e Genitiv | meines + s | meiner | meines + s | meiner |
Deze tabel geldt voor alle stammen. Vervang mein door dein, sein, ihr, unser of euer en je hebt de vervoeging van dat woord. Bij euer valt de tweede e weg als er een uitgang bij komt: euer wordt eure, niet euere. En bij unser blijft de stam gewoon staan: unsere, unserem.
Het bezit bepaalt de uitgang
Ich sehe meinen Vater en Ich sehe meine Mutter.
In beide zinnen is de bezitter ich, maar de uitgang verschilt omdat Vater mannelijk is en Mutter vrouwelijk. Kijk dus altijd naar het woord dat na het voornaamwoord komt, niet naar wie de eigenaar is.
Ihr, Ihr of ihre: drie keer hetzelfde woord
Het woordje ihr is de meest verwarrende vorm van het Duits, omdat het vier verschillende dingen kan betekenen. Je ziet aan de plek in de zin en aan de hoofdletter welke bedoeld is.
| Vorm | Betekenis | Voorbeeld |
| ihr als persoonlijk voornaamwoord 1e naamval | jullie | Ihr kommt zu spät. |
| ihr als persoonlijk voornaamwoord 3e naamval | aan haar | Ich gebe ihr das Buch. |
| ihr als bezittelijk voornaamwoord | haar of hun | Das ist ihr Fahrrad. |
| Ihr met hoofdletter | uw | Ist das Ihr Koffer? |
De hoofdletter is dus de sleutel: Ihr met een hoofdletter betekent altijd uw. Staat ihr aan het begin van een zin, dan kun je de hoofdletter niet gebruiken als hulpmiddel en moet je naar de vervoeging kijken. Ihr kommt met de uitgang t hoort bij jullie; Ihr Koffer ist da hoort bij uw.
De woordorde van voornaamwoorden
Staan er twee voorwerpen in een zin, dan bepaalt de vorm de volgorde. De regel is kort: de 4e naamval gaat voor de 3e naamval, maar alleen als er een voornaamwoord bij staat.
| Situatie | Volgorde | Voorbeeld |
| twee zelfstandige naamwoorden | 3e naamval, dan 4e naamval | Ich gebe dem Kind das Buch. |
| voornaamwoord plus zelfstandig naamwoord | voornaamwoord eerst | Ich gebe ihm das Buch. |
| voornaamwoord plus zelfstandig naamwoord | voornaamwoord eerst | Ich gebe es dem Kind. |
| twee voornaamwoorden | 4e naamval, dan 3e naamval | Ich gebe es ihm. |
De laatste rij is de belangrijkste en tegelijk de tegenintuïtieve: Ich gebe es ihm en niet ich gebe ihm es. Bij twee voornaamwoorden staat het lijdend voorwerp vooraan. Het handige is dat je dit maar in een geval hoeft te onthouden, want in alle andere combinaties komt het voornaamwoord simpelweg eerst.
Voornaamwoorden na een voorzetsel
Ook na een voorzetsel gebruik je voornaamwoorden, en dan bepaalt het voorzetsel de naamval, precies zoals bij zelfstandige naamwoorden.
- für mich, want für vraagt de 4e naamval.
- mit mir, want mit vraagt de 3e naamval.
- ohne dich, want ohne vraagt de 4e naamval.
- von ihm, want von vraagt de 3e naamval.
- bei uns, want bei vraagt de 3e naamval.
Bij dingen in plaats van personen gebruikt het Duits een aparte constructie met da: damit in plaats van mit es, dafür in plaats van für es. Begint het voorzetsel met een klinker, dan komt er een r tussen: darauf, daran, darin. In vragen werkt hetzelfde met wo: womit fährst du, worauf wartest du.
Fouten die je makkelijk kunt voorkomen
| Fout | Correct | Waarom |
| Ich helfe ihn. | Ich helfe ihm. | Helfen vraagt altijd de 3e naamval. |
| Kannst du mir hören? | Kannst du mich hören? | Horen heeft een lijdend voorwerp, dus 4e naamval. |
| Ich sehe meine Vater. | Ich sehe meinen Vater. | Vater is mannelijk en staat in de 4e naamval. |
| Das ist euere Tasche. | Das ist eure Tasche. | Bij euer valt de tweede e weg als er een uitgang bij komt. |
| Ich gebe ihm es. | Ich gebe es ihm. | Bij twee voornaamwoorden komt de 4e naamval eerst. |
| Ist das ihr Auto, Herr Müller? | Ist das Ihr Auto, Herr Müller? | De hoflijke vorm krijgt altijd een hoofdletter. |
Veelgestelde vragen
Wat zijn de Duitse persoonlijke voornaamwoorden?
In de 1e naamval zijn dat ich, du, er, sie, es, wir, ihr, sie en Sie. In de 4e naamval worden dat mich, dich, ihn, sie, es, uns, euch, sie en Sie. In de 3e naamval zijn het mir, dir, ihm, ihr, ihm, uns, euch, ihnen en Ihnen.
Wanneer gebruik ik ihn en wanneer ihm?
Ihn is de 4e naamval en gebruik je voor het lijdend voorwerp: Ich sehe ihn. Ihm is de 3e naamval en gebruik je voor het meewerkend voorwerp en na werkwoorden als helfen, danken en gehören: Ich helfe ihm.
Wanneer schrijf je Sie met een hoofdletter?
Sie met een hoofdletter is de hoflijke u-vorm en gebruik je bij onbekenden, leraren, winkelpersoneel en in formele brieven. Het bijbehorende bezittelijk voornaamwoord Ihr krijgt ook een hoofdletter. Sie met een kleine letter betekent zij, enkelvoud of meervoud.
Wat betekent ihr in het Duits?
Ihr kan vier dingen betekenen: jullie als onderwerp (Ihr kommt zu spät), aan haar in de 3e naamval (Ich gebe ihr das Buch), haar of hun als bezittelijk voornaamwoord (Das ist ihr Fahrrad) en met een hoofdletter uw (Ist das Ihr Koffer). Je ziet aan de plek in de zin en aan de hoofdletter welke bedoeld is.
Hoe vervoeg je bezittelijke voornaamwoorden in het Duits?
Ze krijgen precies dezelfde uitgangen als het onbepaald lidwoord ein. Mein wordt dus meinen in de 4e naamval mannelijk, meinem in de 3e naamval mannelijk en onzijdig, en meiner in de 3e naamval vrouwelijk. De uitgang hangt af van het woord dat erachter staat, niet van wie de bezitter is.
In welke volgorde staan twee voornaamwoorden in een Duitse zin?
Bij twee voornaamwoorden komt de 4e naamval eerst: Ich gebe es ihm. Staat er een voornaamwoord en een zelfstandig naamwoord, dan komt het voornaamwoord eerst. Bij twee zelfstandige naamwoorden komt de 3e naamval eerst: Ich gebe dem Kind das Buch.
Deel deze pagina met je vrienden
Dit zeggen leerlingen en ouders
Toetsmij: de steun in de rug die elk kind verdient
Als ouder wil je maar één ding: dat je kinderen gezien worden, uitgedaagd worden en het vertrouwen krijgen dat ze méér kunnen dan ze zelf soms denken. Voor ons is Toetsmij daarin een gamechanger geweest.
Onze oudste dochter begon ooit op mavo-kader. Een lieve, slimme meid, maar soms onzeker en zoekend naar structuur. Dankzij de toetsen van Toetsmij.....helder, betrouwbaar, precies op niveau en altijd met ruimte om te groeien kreeg ze stap voor stap het vertrouwen dat ze het wél kon.
En hoe.
Ze stroomde door naar de havo, haalde haar diploma en volgt nu op eigen kracht de lerarenopleiding. Dat is niet alleen haar verdienste, maar ook het resultaat van materialen die haar serieus namen en haar lieten zien waar ze stond en waar ze naartoe kon.
Ook onze jongste dochter profiteert nu van Toetsmij. Ze doet op school al een aantal vakken op hoger niveau, en juist daar is Toetsmij een uitkomst. De toetsen sluiten perfect aan, dagen uit zonder te overweldigen en geven precies de feedback die ze nodig heeft om verder te groeien.
Het voelt alsof er iemand meedenkt, iemand die begrijpt dat elk kind anders leert en dat kwaliteit het verschil maakt.
Wat Toetsmij voor ons bijzonder maakt:
- Super betrouwbaar, e weet dat de toetsen kloppen, aansluiten en eerlijk meten.
- Meedenkend, het voelt alsof er altijd iemand achter de schermen staat die begrijpt wat leerlingen nodig hebben.
- Topkwaliteit geen rommel, geen gokwerk, maar echt professioneel materiaal waar scholen jaloers op zouden zijn.
Voor ons is Toetsmij niet zomaar een hulpmiddel. Het is een partner in de ontwikkeling van onze kinderen. Een stille kracht die hen helpt groeien, bloeien en boven zichzelf uitstijgen.
En als trotse ouder kan ik maar één ding zeggen:
Dankjewel, Toetsmij. Jullie maken écht het verschil.
Hele fijne en goede ondersteuning bij…
Hele fijne en goede ondersteuning bij de voorbereiding van de middelbare school toetsen. Havo/vwo brugjaren gebruik gemaakt van Toetsmij. Realistische toetsen. Vraag en antwoorden zijn top. Cijfers zijn omhoog gegaan maar ook het begrip van de stof en hoe een toets is opgebouwd. Goede snelle communicatie met de organisatie. Kortom een aanrader!!!
Eindelijk goede punten!
Mijn dochter heeft vorig jaar haar examen vmbo-GT niet gehaald! Dit jaar was dus extra stress! We zijn gewend en zo liep het nu ook weer dat ze het net op het randje vaak net red. Maarja we wilden geen herhaling van vorig jaar! In de laatste maanden hebben we toen toch gekozen voor toetsmij. Sceptisch maar toch wel te proberen. En nu is ze gewoon geslaagd met hoge punten!!!!!
Ik denk dat dat o.a komt omdat ze geen lezer is en daardoor niets bijblijft. Toetsmij is doen. Ik zeg aanrader!!!!
Zoek in meer dan 10.000 toetsen
Echte toetsvragen, precies aansluitend op jouw lesmethode en leerjaar. Voor alle klassen en alle niveaus